Jaarboek 58 (2005) 44-60

Peele, A.T.B. / Herben, M.H.A.J.
Jan van Scorel en de Vinding van het Ware Kruis
Jaarboek 58 (2005) 44-60
Onderwerp is het aan Jan van Scorel toegeschreven altaarstuk, dat zich in de Grote of Onze-Lieve-Vrouwekerk van Breda bevindt. Het retabel of drieluik stelt de vinding van het kruis van Christus omstreeks 325 voor. Keizerin Helena, de moeder van Constantijn de Grote, zou volgens de legende deze memorabele vondst op haar conto hebben mogen schrijven. Peele en Herben beschrijven de legende en gaan vervolgens op Jan van Scorel in. De kunstenaar was kanunnik en zakenman, een combinatie die toentertijd wel meer voorkwam, want geld verdienen won het vaak van bidden. Over de ontstaansgeschiedenis van het drieluik, dat vermoedelijk tussen 1541 en 1543 gemaakt is, bestaan verschillende opvattingen. Hoewel het vrijwel zeker in het atelier van Jan van Scorel gemaakt is, bestaat onduidelijkheid over de vraag welk aandeel Van Scorel zelf in het maken ervan gehad heeft. Peele en Herben gaan op al die vragen in en komen tot de eindconclusie Van Scorel wel bij het maken van dat drieluik betrokken is geweest, maar dat het meeste werk toch door een van zijn leerlingen verzet is.

Jb-58-2005-02

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *